Categorie: De Rozenhof
Hij had den hamer in Zijn hand genomen
Hij had den hamer in Zijn hand genomen. Ik zag den slag, en kromp in angstig schromen. God! sla de wanden van mijn hart niet in! Hij zei: hoe zou Ik anders binnenkomen?
’t Hart, dat niet zwierf, kan nimmer thuis geraken
’t Hart, dat niet zwierf, kan nimmer thuis geraken. Die wereld won, kan haar alleen verzaken. Die zich verloor, hervindt zichzelf in U. Slechts zondaars kunnen Uw genade smaken.
Nooit kwam een dronk de ziel zóó duur te staan
Nooit kwam een dronk de ziel zóó duur te staan, Als ’t water uit beminnens oceaan. O lafenis, die wreeder dorst verwekt, Totdat wij aan den dorst ten gronde gaan.