Werken

Gij weet, o God, hoe wij verlangen Naar alles wat tot vrede dient; Maar ach, wij weigren vaak te ontvangen Genade van den trouwsten Vriend. ’t Valt zwaar ons vrij zijn te beperken Naar ’t wenken van Uw stil gezag.

Afstand

Zie af van alles! – Heer, dat is Verlaten al wat sterflijk is, En wat, onsterfelijk, het meest Ons heeft getroost naar ziel en geest; Om zóó, van allen schat ontdaan, Gansch onbezwaard tot U te gaan, Een openheid, die

Kinderspel

Kruip door, sluip door! De zon schijnt door de wolken. Ze doet het daaglijks kindren voor. Men speelt bid alle volken Kruip door, sluip door! O hart waartoe dit spel, waarvoor? Lachend naar de gespelen Verschijnt het aangezicht van dood

De beek

Gij hebt uw bedding diep gegraven, Smalle kristallen beek, Om versch te lesschep en te laven Wat bij u nederstreek. Het zaad, door God hierheen bevolen, Zocht en vond honk, Wanneer ’t zijn wortelen liet dolen Tot u, en dronk.