Wanneer de avond aan de huizen leent, Die broos verweeren in de oude steden, Komt soms een knaap zacht door een poort getreden, En ziet zich schuchter om, en staat en weent En wischt zijn tranen niet, maar
Categorie: Gestalten en Stemmingen
Melancholia II
Wat is dit, dat, wanneer de dag zich neigt, Wij ons zoo week en vreemd weemoedig weten, Als ieder ding een vaagheid van vergeten En weer verrezen droomen om zich krijgt? Wat is dit, als de nevel nederzijgt, Dat ons
Quaerite et invenietis
Wanneer wij u zoeken, Waar zijt gij te vinden! Wel speuren we uw sporen Maar gij zijt zoo ver. Soms klinkt om de hoeken, In ’t waaien der winden, De klank van uw horen Nog flauwlijk naar her. Soms kleurt
Mater dilectionis
Hij deed zijn hoogheid dalen Naar mijne nederheid. Hij iet zijn glans vervalen Tot bloode teederheid. – Doch zijn zijn kinderoogen Nòg klaarder dan der heemlen diepste blauw Zij liggen iedren morgen overtogen Met werelds smartelijkste en helste dauw. Zijn