Categorie: Nalezing V
Sonnetten – IV Weet gij wat weenen is en eenzaam-zijn
Weet gij wat weenen is en eenzaam-zijn En voor het suizen van de stilte vreezen En zelf een vreemde donkre stilte wezen, Die niet bewegen durft onder den schijn Van ’t roerloos licht, en voelen hoe de pijn Komt onmeedoogend
Lees meer Sonnetten – IV Weet gij wat weenen is en eenzaam-zijn
Sledevaart
Herinnering aan vrijdagmorgen 28 december 1923 Dit is het laatst geluk geweest, Dat u en mij op aard’verbindt: Een sledevaart door sneeuw en wind, En dit geluk gedenk ik ’t meest. Er was geen leven en geen tijd. Onder een
’t Was in de schemering en aan den wand
Voor Wilma ’t Was in de schemering en aan den wand Der matte ruiten viel een vaal beloken Licht, door de dikke traliën gebroken, En trok zijn vage grens langs stiltes rand. Toen zag ik de gelijkenis van een hand,