Visite

In de avond dempen zich de stemmen. Men mompelt maar wat voor zich heen. Doch vol van leven niet te temmen Blijft de witte boezelaar van Leen. Dat weten alle mannenoogen, Dat wraakt de blik van iedre vrouw, Want zij

Bach

Ich will dir mein Herze schenken,Senk dich, mein Heil, hineinMattheus Passion Het huis is donker, maar het raamOpent op den kristallen hemel.Doorschijnend deint ‘t bloed rood gewemelVan wijnloof: zalig aardsche naam.Wij kijken met onwillige oogen.De lucht lijkt donkerder en dof,En

Berceuse

Laat u maar glijden, de slaap is stil. Laat u maar glijden: ritselende zijde; Bevend dwaallichtje op een weide; Droom en dood omhelzen u beiden; Gij zijt vergeten van vreugd en lijden; Laat u maar glijden, het water is stil.

Weten

Ik weet nu, wat ik had vermoed. Dat ieder hunkert naar zijn droom. Wij zijn niet wijs, wij zijn niet vroom, Wij leven buiten slecht en goed. Zoodra wij minnen, en bemind Zijn, laat de liefde haar gordijn Neêr tusschen