Erkenning

Er is geen leed, er zijn geen tranen meer. ’t Is al door Uwe liefdebrand verslonden.. De dood is als een schaûw voor u verzwonden. Wij zien slechts licht, wij zien alleen de Heer!

Thomas

Hij kwam door de gesloten deur En hief zijn wonde hand naar mij. En bracht mijn vinger tot de scheur, Die ademde in Zijn zij. Een vreemde lauwe zwakte sloeg Mij neder, ‘k wankelde op mijn knie, En stamelde: Heer,

Ecce Homo

Zij ploegden uw gerekten rug En teisterden de murwe lendnen. Och God, zal dit torment nooit enden? Zal nooit de hoofdman, met zijn stug Gelaat, ’t gezwiep der zweepen keeren? Zien zij dan niet, dat zij verwoed Staan in den

Herodes

Hij liet de sombre geilheid zijner oogen Vaag schemeren, de man belust op bloed, En onverschillig hoorde hij “t verwoed Getier der Joden, maar zijn blikken vlogen Den schamelen Gevangne te gemoet En ’t was of zij Zijn heilig leven